Ondertussen in de kerkzaal... ('Wiens gezag?')

Blogpost door Marieke Withagen, 19 maart 2008 Literaire kritiek

(Dit stuk is eerder gepubliceerd in Ad Valvas. Een van de stellingen van de sprekers staat al online )
… moet Marcel Möring even een slokje water nemen van Elsbeth Etty. ‘Ik geloof dat ik me even liet gaan,’ verzucht hij. Op het symposium ‘Wiens gezag? Literaire kritiek in multimediale tijden’ denken de nieuwe schrijver op locatie en de bijzonder hoogleraar na over de positie van de traditionele recensent. Die heeft te duchten van het internet, waar lezers een platform hebben gevonden om hun eigen mening over een boek en de auteur ongezouten naar buiten te brengen. Dat leidt soms tot excessen. Möring windt zich daar flink over op: ‘Het is werkelijk te belachelijk voor woorden. Zelfs als je zegt dat je nat wordt als het regent, levert dat nog boze reacties op. Het maakt niet uit wat ik zeg, ik krijg sowieso tachtig doodsbedreigingen per dag.’

Annette Portegies van uitgeverij Querido is een stuk optimistischer van toon. De autoriteit van de traditionele literaire kritiek is dan misschien wel tanende, maar ‘als een bekende recensent een juichende recensie schrijft over een boek, dan geeft de uitgever meteen een rondje in het café en hij kan ook meteen de verkoopcijfers naar boven bijstellen.’ De panelleden mijmeren over de hoogtijdagen van literatuur-godheid Kees Fens, die met een bespreking een boek kon maken of breken. ‘Als hij positief was, dan kon je schijnbaar alvast je nieuwe badkamer gaan uitzoeken,’ verklaart Jos Joosten, hoogleraar Nederlands in Nijmegen.

De jongste aan de tafel is Daan Stoffelsen, VU-alumnus en boekverkoper bij Athenaeum maar hier vooral aanwezig omdat hij de oprichter is van Recensieweb. Voor die site kunnen lezers recensies schrijven die, vóór plaatsing, worden beoordeeld door een redactie. Als het gesprek, want een debat wil het niet echt worden, op de persoon van de literatuurcriticus komt heeft Stoffelsen een grote troef in handen. Etty klaagt dat de relaties tussen de Nederlandse kritiek en de literatuur veel te innig zijn. Möring is het roerend met haar eens: ‘Recensenten mogen eigenlijk überhaupt geen vrienden hebben.’ Stoffelsen, met opgetrokken schouders en zijn handpalmen naar boven, kijkt het publiek aan en kan zijn punt maken: ‘Tja… Wij kennen helemaal niemand!’ Hij oogst een bescheiden applausje.

Gespreksleider Ad Zuiderent (docent nieuwe Nederlandse letterkunde, VU) is achteraf tevreden. ‘Tja, het was misschien geen vuurwerk. Maar we hebben het over de belangrijkste thema’s wel gehad. Ik had ook Arjan Peters kunnen uitnodigen, die een flink meningsverschil heeft met Elsbeth Etty. Maar dan hadden we een héél andere discussie gehad.’ Daan Stoffelsen is trots. ‘Het is mooi dat we tegenwoordig voor dit soort dingen worden gevraagd. We worden steeds meer geaccepteerd. We zijn trouwens ook voor het eerst geciteerd op een achterflap, wist je dat?’

Tijdens het borrelen maakt het thema van de bevriende (dan wel gebrouilleerde) recensenten de tongen los. Nienke Vries (student Journalistiek in Utrecht) verwoordt kernachtig wat ze van het Nederlandse literaire wereldje vindt: ‘Het is één grote slangenkuil, echt waar. Niemand is onafhankelijk, iedereen heeft een verborgen agenda! Nee, geef mij dan maar Recensieweb, dat zijn tenminste frisse jonge mensen.’ Jos Joosten, die naast hoogleraar ook dichter is, lacht: ‘Je moet gewoon tegen een stootje kunnen. Het is een piepklein wereldje. De ene dag word ik afgezeken, nee sorry, afgekraakt, door Kees ’t Hart, en de volgende dag slaat hij me lachend op de schouders tijdens een feestje. Ik ken hem goed, Kees, aardige vent. Maar jongejonge, die recensie… Ik kan er nog pissig over worden.’

Zorg ervoor dat Recensieweb kan voortbestaan. Steun ons.

Marieke Withagen

Marieke Withagen is studente Geschiedenis en boekverkoper.

Steun ons! Volg ons!