Schrijven maakt je gelukkiger
door Geert Beernaert, 14 mei 2007
In zijn vijfde boek, Het jaar waarin mijn vader stierf, beschrijft de Nederlandse auteur en vertaler Rob van Essen (1963) in dagboekachtige aantekeningen hoe hij het jaar 2003 beleeft. Centraal daarin staat het aftakelingsproces en de dood van zijn 79-jarige vader, de schrijver van stichtelijke jeugdboeken, G. van Essen. Dit stervensproces vormt voor Rob de aanleiding om een balans van zijn leven op te maken en de verhouding tot zijn vader aan een kritische analyse te onderwerpen.
De vader-zoon relatie werd vooral gekenmerkt door een gebrek aan communicatie waardoor Rob zijn vader nooit echt heeft kunnen doorgronden. Hierdoor was er weinig sprake van wederzijds begrip en erkenning, laat staan van de uiting van emoties. Hierover schreef Rob van Essen ook uitgebreid in zijn derde roman Kwade Dagen (2002), waar hij rancuneus afrekent met het streng orthodox-christelijke thuismilieu in Nijssen waarin hij opgroeide en met de gereformeerde kerk.
Om uiteindelijk toch nog zijn afstandelijke, stoïcijnse vader ietwat te leren kennen voor hij sterft, zoekt Rob een aanknopingspunt bij beider schrijverschap en gaat hij grasduinen in oude teksten van zijn vader. Hieruit blijkt dat zijn vaders leven vooral gedomineerd werd door het verlangen naar literaire erkenning. Rob vergelijkt zijn vader met zichzelf en hoopt op die manier ook op enige erkenning van zijn vader en van literatuurliefhebbers voor zijn literair werk. In het dagboek gaat Van Essen uitgebreid in op het schrijfproces van zijn vierde roman Engeland is gesloten (2004). Erkenning en echt contact van vaders zijde blijft echter uit.
Ondanks alle ongemakken in de verstandhouding tussen vader en zoon, blinkt Rob van Essen uit in de beschrijving van warme, liefdevolle en ontroerende ontmoetingen met zijn stervende vader, waardoor Het jaar waarin mijn vader stierf een lovenswaardig egodocument geworden is. Afstand en emotionele nabijheid, het wordt mooi en gradueel, met mondjesmaat, gebracht. Er wordt niet echt met scherp geschoten, zoals in Kwade dagen. Het beeld dat Rob van zijn vader geeft is ditmaal genuanceerder.
Van Essen balanceert perfect tussen fijnzinnige intimiteit – wat blijkt uit de beschrijvingen van de laatste ontmoetingen met zijn vader – en een cynische vorm van afstandelijkheid, zonder te vervallen in emotioneel geleuter en sensatiebeluste openbaringen (zoals nog wel eens het geval is een aantal dagboeken). Dit cynisme komt vooral tot uiting wanneer hij het heeft over zijn schrijverschap: ‘Dagboeken zijn of onpersoonlijk, of oninteressant’ of ‘Is schrijven therapeutisch? Nee. Zou het dat moeten zijn? Nee, daarvoor is het veel te belangrijk’. Elders beweert hij daarentegen: ‘Eerst denk je nog dat je gelukkiger, menselijker kan worden door het schrijven, via het schrijven. Maar het is het schrijven zelf dat je gelukkiger maakt. Daar moet je je dan maar op concentreren.’
Voor de vormgeving van het boek heeft Van Essen gekozen voor 12 hoofdstukken met als titel de opeenvolgden maanden in het jaar 2003. In februari verneemt zijn vader dat zijn zwak hart het niet lang meer zal houden en aan de verwachte lichamelijke aftakeling (wandelstok – rollator – rolstoel -sterfbed) komt een eind in oktober. Ondertussen gebeurt er nog van alles. Met een lichte, nuchtere en soms ironische toon doet hij daar als een gedegen observator relaas van. Zeer gedetailleerd maakt hij prachtige natuurbeschrijvingen en onderhoudt hij de lezer ook met leuke, soms hilarische absurditeiten (bijvoorbeeld als hij heeft over een verblijf op een kunstenaarscamping).
De dagboeknotities zijn ook gekruid met filosofische en psychologische beschouwingen, met visies over literatuur en het literair bedrijf, en met bedenkingen over de dingen des levens. En die kruiden smaken goed. De beschouwingen zijn kort, fragmentarisch en niet dieper uitgewerkt, gelijk gedachten die iedereen wel eens heeft, vluchtig van karakter. Ook de onstrakke, vrije compositie van dit dagboek, waarin zowat alles geschreven kan worden, leent zich daartoe. Van Essen wist er de gepaste kruiden in te doen waardoor dit hele boek naar méér smaakt.
Zorg ervoor dat Recensieweb kan voortbestaan. Steun ons.
Het jaar waarin mijn vader stierf
Uitgeverij Atlas
€ 18.50 | 285 pagina's
2006 | ISBN
Oordeel




(4/5)

Bestel uw boeken bij Athenaeum Boekhandel;
daarmee steunt u Recensieweb.
Meer over deze auteur
Gedoseerde suggestiviteit
recensie van Rob van Essen, Alles komt goed door Carmen Meuffels, 10 februari 2013
De beste en de slechtste, van lul en pik via diepdonker rodewijnbordeaux naar flamoes
Blogpost door Daan Stoffelsen, 10 december 2012
in Seks en literatuur
Schaduwjury: Niet engagement, maar gelaagdheid
Blogpost door Judith Mulder, Daan Stoffelsen en Bob Hopman, 9 mei 2009
in Libris Literatuurprijs
Libris en Gouden Uil 2009: drie schaduwjury's van start
Blogpost door Daan Stoffelsen en Eveline Vink, 23 maart 2009
in Gouden Uil, Jeugdliteratuur en Libris Literatuurprijs
Diep triest
recensie van Rob van Essen, Visser door Nico Voskamp, 4 september 2008
Laatste recensies
Geen zielenroerselen
recensie van Thomas Heerma van Voss, Stern door Johan Bordewijk, 24 mei 2013
Filosofisch lamenterende schrijfmachines
recensie van Dirk van Weelden, Het laatste jaar door Annette Jenowein, 22 mei 2013
Een cynische ode aan onverschilligheid
recensie van Oscar van den Boogaard, De tedere onverschilligen door Lucas van der Deijl, 14 mei 2013
Afgebakende perfectie
recensie van Saskia de Coster, Wij en ik door Tim van Dun, 12 mei 2013
Brave New Animal Dreamworld
recensie van Peter Verhelst, Geschiedenis van een berg door Carmen Meuffels, 12 mei 2013